Calcutta, een nieuwe uitdaging
Tekst: Arie Dijksman (Exploration Consultant, E&FE)
Produceren van de olievoorkomens in het Calcutta-gebied stelt Staatsolie
voor nieuwe uitdagingen. Er zijn nog wat onzekerheden over de uiteindelijke
reserves, dus geen dure investeringen plegen. Het wordt olie winnen
in het moeras.
Na afronding van het exploratieboorprogramma 2003 voor het gebied
Calcutta/Tambaredjo-West, was duidelijk dat er een nieuw olieveld
was ontdekt. Reserveberekeningen gaven aan dat het veld mogelijkerwijs
15 miljoen vaten kan bevatten, maar er zijn nog wat onzekerheden
hierover. De reserves kunnen namelijk liggen tussen een minimum van
2 miljoen vaten en misschien wel 34 miljoen vaten. Over een aantal
andere zaken moet nog meer duidelijkheid worden verkregen. Zoals
over de grootte van het gebied waaronder het veld zich bevindt, vermoed
wordt tussen de 20 en meer dan 60 vierkante kilometer. De precieze
dikte: nu zien we diktevariaties van enkele tot 50 voet. En, hoeveel
oliekolommen er zijn; nu hebben we er al acht waargenomen.
Lichter
Vanaf 25 april dit jaar wordt een testput geproduceerd om de productiviteit
van het nieuw ontdekte reservoir te kunnen bepalen. De productie
werd aanvankelijk klein gehouden op 30 vaten per dag, maar is gaandeweg
langzaam verhoogd en staat nu op ongeveer 90 vaten per dag. Ook
is regelmatig de druk van het producerende reservoir gemeten. De
drukval met toenemende productie blijkt redelijk voorspelbaar te
zijn wat ons in staat stelt om voorspellingen te maken van de uiteindelijke
(totale) productie van deze put, die nu tussen de 55,000 en 78,000
vaten wordt geschat. De dikte van het reservoir is 12 voet. De
olie is lichter in vergelijking met die van het Tambaredjo-veld
en vloeit makkelijker. Een raffinagetest heeft aangetoond dat de ‘Calcutta-olie’ een
groter percentage diesel zal opleveren.
De vraag kan gesteld worden waarom we niet gelijk het moeras inpolderen
en de olie gaan produceren, want uiteindelijk zijn 15 miljoen barrels
reserve gelijk aan een productie van drie jaar op basis van 5 miljoen
vaten per jaar, zoals nu het Tamabredjoveld wordt geproduceerd. Maar
de onzekerheid over de reserves zijn nog groot en het blijft mogelijk
dat nadat de productie is begonnen het veld kleiner blijkt te zijn
dan aanvankelijk aangenomen. Dit betekent dat de investeringen gedaan
om het veld in productie te brengen niet kunnen worden terugverdiend.
Zeker als onverhoopt de internationale olieprijs zakt tot rond de
15 US dollar per vat.
Evaluatieprogramma
Om te voorkomen dat grote investeringen niet kunnen worden terugverdiend,
wordt een evaluatieprogramma uitgevoerd. Het programma omvat tien
putten in het Calcuttagebied en vijf putten in het Tambaredjo-West-gebied
en is bedoeld om de onzekerheden zoveel mogelijk te verkleinen.
Daarnaast is het van belang om te weten hoeveel het reservoir kan
produceren.
Nadat de evaluatie van de putten klaar is, staat het boren van vijf
productieputten rond de testput op het programma. Deze putten zijn
bedoeld om het productiegedrag nader te onderzoeken en om verdere
ervaringen op te doen met het produceren van olie in het moeras.
De opbrengt van deze putten zal direct bijdragen aan onze totale
crude productie.
Bovendien is het voor het eerst dat Staatsolie olie produceert van
een put die in het moeras staat. Er loopt geen weg ernaartoe en het
personeel gaat per airboat naar de put om er te werken. De pijplijn
ligt ook in het moeras. De olie wordt verzameld in een aantal tanks
aan de Gangaram Pandayweg en wordt per tankauto naar de dichtstbijzijnde
productie-installatie gebracht. Tot nu toe zijn de ervaringen goed
en kan er overwogen worden om deze productiemethode meer toe te passen.
|