terug   
   
   
 Studenten link: Exploratie
   
   
    Welkom page
    Bedrijfsprofiel
    Directie
    Personeel
    Presentaties
    Samenwerkingen
    Aandeelhouders
vergaderingen
    Jaaroverzichten
    Exploratie
    Productie & Pompen
    Pijplijnen
    Raffinaderij
    Producten en Klanten
    Kwaliteit
    Veiligheid, Gezondheid en Milieu
    Bedrijfsbezoeken
    Beurzen
    Staatsolie in de gemeenschap
    Sportevenementen
    Staatsolie in het nieuws
    Staatsolie Nieuwsbrief
    Terug naar Website
 

Nieuwe reserves Calcutta en Tambaredjo-West

Staatsolie heeft medio mei het exploratieboorprogramma 2003 voor het gebied Calcutta/Tambaredjo-West succesvol afgesloten. In alle twaalf geboorde putten zijn olieindicaties aangetroffen. Voorzichtige schattingen wijzen op een reserve van vijftien miljoen vaten, maar er zijn sterke aanwijzingen dat deze hoger ligt.

Veelbelovend in het exploratiegebied schijnt de Eocene Upper Saramacca Formatie; daar zijn acht olieaccumulaties aangetoond op een diepte van 240 tot 330 meter. De grootste van deze accumulaties heeft een oliekolom van 42 meter, wat relatief groot is, maar een diepgaandere analyse van de putten moet nog plaatsvinden. De dikte van de oliezanden varieert van 1,5 tot 15 meter. In Calcutta wordt vanaf 25 april een testput geproduceerd om de productiviteit van het nieuw ontdekte reservoir te kunnen bepalen. De huidige productie bedraagt dertig barrels olie per dag en de put heeft nog potentie voor verdere verhoging. De olie lijkt op de Saramacca crude, maar is iets lichter.

De reserve van het Tambaredjo-veld wordt geschat op 170 miljoen vaten, waarvan 45 miljoen reeds zijn geproduceerd. De Calcutta/Tambaredjo-West ontdekking vervangt dus ongeveer één derde van de tot nu toe geproduceerde olie. Er is ook olie aangetroffen in de ondiepe reservoirs van het Mioceen (waar 38 jaar geleden de eerste olie werd ontdekt) en in de Paleocene T-zanden.

Op basis van de bevindingen van een evaluatierapport, waaraan nu wordt gewerkt, zal in augustus dit jaar een vervolg exploratieprogramma voor het gebied Calcutta/Tambaredjo-West worden opgesteld. Het vervolg zal tot doel hebben de grootte van de olie-accumulaties nauwkeuriger vast te stellen en de onzekerheden in de reserveschatting verder te verkleinen. De directie van Staatsolie geeft voorrang aan het onderzoek en heeft studies over eventuele oliewinning uit het nieuwe veld alvast opgestart.

Exploratie van Calcutta/Tambaredjo-West vanaf 1965 heeft aardig wat informatie opgeleverd. De laatste exploratieputten dateren uit 1988. De verkenningen in dit gebied zijn in 2001 herstart met een tweedimensionaal seismisch onderzoek. Onder meer op basis van deze resultaten is een exploratieboorprogramma opgesteld, dat in het laatste kwartaal van 2002 is begonnen.

Uitdaging in de zwamp

Exploratiewerk is zwaar, dat kunnen exploratiegeologen en anderen die erbij zijn betrokken, beamen. In het geval van Staatsolie is het ook niet anders. Bij ons is letterlijk uit de zwamp een modern oliebedrijf opgezet. De speurtocht naar nieuwe reserves op het land voert nergens anders dan weer de zwamp, zoals Nickerie en Calcutta.
Het Calcutta-gebied ligt ten westen van Tambaredjo. De ‘ingang’ van het exploratiegebied ligt aan de Gangaram Pandayweg, zo’n 25 kilometer vanuit de Oost West-verbinding. Begin april - het boren van de laatste put was in volle gang - bracht de redactie een veldbezoek. Vanuit de straat is via een kanaal en later in de open zwamp met een airboot (moerasboot) gevaren naar de zwampboorinstallatie Rig V. Langs het kanaal zien we de zwampexcavator – een graafmachine speciaal voor de zwamp – bezig. Er worden palen de grond ingeslagen, waarlangs de stroomkabels voor de pomp zullen lopen. Aan diezelfde palen komt de pijpleiding voor afvoer van de geprocudeerde olie naar de testtank langs de weg.
Na een minuut of vijf varen zien we de boorinstallatie opdoemen. Indrukwekkend, al die machines op pontons mét rupsbanden, midden in de zwamp. Tot zover het oog reikt, zie je niets anders dan modder, water, riet en andere zwampvegetatie. Het is overdag en het regent, hoe zal het ’s avonds wel niet zijn. Er is wel communicatie met de ‘bewoonde’ wereld, maar toch. “Een grote uitdaging”, noemt Ralph Dewsbury, supervisor van het boorteam van contractor Althev, de operatie. En hij is nogal wat gewend, met zijn ruim 25 jaren ervaring. Dewsbury komt uit Trinidad en heeft bijna 15 jaren op zee en 10 jaren op land gewerkt.
“Het is heel anders werken onder deze omstandigheden”, vervolgt Dewsbury, “Dit kende ik niet, dus was het even wennen.” Maar geen moment twijfelde hij eraan dat het werk zou kunnen worden geklaard, hoewel het aan de nodige ontberingen niet heeft ontbroken. “Het verplaatsen van de installaties van de ene naar de andere locatie, ging in het begin vrij moeizaam. Gaandeweg deden we ervaring op en ging het beter.” Hij is zeer tevreden met de inzet van ‘zijn’ boorploegen en de medewerking die hij krijgt van Staatsolie. Of Dewsbury thuis niet mist? “Ach, dat gaat wel. Suriname is leuk, ik heb hier vrienden gemaakt en ik vind het een eer mijn bijdrage te leveren.”