Staatsolie en Repsol YPF sluiten productiedelingsovereenkomst
Een verantwoordelijke partner voor Suriname
Door een productiedelingsovereenkomst met Staatsolie aan te gaan, toont de Spaanse oliegigant Repsol YPF vertrouwen te hebben in Suriname. “In Repsol hebben we een goede en verantwoordelijke partner”.
“Onze aanwezigheid vandaag in Paramaribo bevestigt, en is een versterking van, onze overtuiging om naar olie te zoeken”, verzekerde Valentín Álvarez Cortina, Caribbean Business Unit Director van Repsol YPF bij de ondertekeningsplechtigheid op 24 april. “De risico's zijn groot en het werk is veel, dus makkelijk zal het niet gaan.”
Eddie Jharap, algemeen directeur van Staatsolie, toonde zich blij met de grote delegatie van Repsol YPF. “Dit is voor ons het bewijs van de commitment van Repsol YPF en de waarde die zij hecht aan deze overeenkomst.” Cortina verzekerde dat Repsol YPF veel waarde hecht aan de relaties met haar partners. “Wij hopen dat wij hier niet zijn voor een korte termijn deal, maar voor een lange, vruchtbare relatie.”
Goede partner
Jharap gelooft dat Suriname in Repsol YPF een goede en verantwoordelijke partner heeft. “Repsol hanteert waarden die ook voor Staatsolie belangrijk zijn bij het doen van zaken. In de afgelopen twee jaren hebben we dat vele malen in de praktijk kunnen ervaren.” Cortina hoopt op een vruchtbare samenwerking met Staatsolie in Suriname. “Ik dank Suriname dat zij haar deuren voor ons heeft geopend om samen te werken aan de ontwikkeling van haar hulpbronnen, wat volgens mij dé sleutel tot succes is.”
Het contract biedt volgens Jharap Suriname voldoende ruimte voor controle van en participatie in de petroleumactiviteiten. Hij haalde verder aan dat de economische voordelen van de productie van aardolie acceptabel zijn en dat er voldoende aandacht is voor veiligheid en er waarborgen zijn voor de bescherming van het milieu.
Dat het niet alleen bij goede intenties zal blijven, staat voor Jharap als een paal boven water. Staatsolie heeft namelijk in de loop der jaren een deskundig en loyaal kader opgebouwd, dat in staat is woorden in daden om te zetten en zo de belangen van het land op de beste manier te kunnen dienen.
Historisch moment
Cortina noemde de ondertekening van het productiedelingscontract een historisch moment voor Repsol YPF. Het contract biedt volgens hem mogelijkheden voor versterking van de samenwerking tussen Repsol YPF en Staatsolie – zowel op petroleumtechnisch vlak als op andere gebieden. “Deze overeenkomst neemt ook in beschouwing onze ervaring en mogelijkheden in de toekomst, zodat wij in staat zijn de doelen te halen die we hebben gesteld.”
De topman van Repsol gelooft dat “er haalbare doelen zijn gesteld”, die in lijn zijn met “een duidelijk uitgesproken en zichtbaar verlangen” om overeenkomsten te sluiten waarbij een goede partnerschap voorop wordt gesteld. “De implementatie van dit contract zal ons zeker goede resultaten opleveren.”
Cortina sprak zijn dank uit voor de hartelijke ontvangst van de delegatie van Repsol YPF door Staatsolie toen die twee jaar geleden voor het eerst naar Suriname kwam. “We kunnen niet nalaten de buitengewone prestaties te waarderen die de afgelopen twee jaren zijn neergezet door de onderhandelingsteams van beide partijen.”
Inspanningen
De productiedelingsovereenkomst met Repsol YPF is een concreet resultaat van het streven van Staatsolie om buitenlandse investeerders aan te trekken voor het Surinaams koolwaterstoffenpotentieel. Jharap gaf een overzicht van de inspanningen die zijn gepleegd om Suriname in beeld te brengen van de internationale petroleumwereld. Zo is in de afgelopen vier jaren deelgenomen aan diverse tentoonstellingen en beurzen en zijn er presentaties gehouden in Brazilië, Trinidad & Tobago, Engeland, de VS en China.
Jharap: “Wij hebben contact gemaakt met een aantal oliemaatschappijen met goede naam en hen geïnformeerd over de potentiële oliereserves van ons sedimentair bekken. Verschillende bedrijven hebben op basis van door ons verstrekte data studies uitgevoerd. Repsol YPF is een van de grote maatschappijen die concludeerde dat er mogelijk commerciële winbare olievoorraden in offshore Suriname voorkomen.” En op basis van dit gegeven is het productiedelingscontract voor blok 30 onderhandeld. Op 16 december 2003 ondertekenden Staatsolie en Repsol YPF een raamovereenkomst, die heeft gediend als grondslag voor de bepalingen die zijn opgenomen in het nu gesloten productiedelingscontract.
Petroleummogelijkheden
De technische studies van blok 30 hebben aangetoond dat het vinden van koolwaterstoffen in het Surinaams zeegebied tot de mogelijkheden behoort, beaamde Cortina. Hij legde uit dat de volgende stap zal zijn het uitvoeren van seismisch onderzoek, waardoor met minimale risico's een exploratieput zou kunnen worden geboord.
“We hopen dat vanaf nu Suriname bekend zal zijn als een land met ook petroleummogelijkheden. Wij hebben veel ervaring in de exploratie naar en productie van olie en gas in het Caribisch Gebied. En wij hopen dat in de toekomst blok 30 een substantieel aandeel zal hebben in de operaties van Repsol YPF in het Caribisch Gebied, waar wij nu al een productie hebben van 220.000 vaten olie per dag. Op deze manier zou Repsol YPF kunnen bijdragen aan de economische en technologische ontwikkeling van Suriname en haar bevolking.”
Jharap was vol lof over de onderhandelingsteams van Staatsolie, geleid door Marny Daal-Vogelland (manager Exploration & Production Contracts) en Carlos Jimenez van Repsol YPF. “Jullie hebben een voortreffelijke job gedaan en wij zijn trots op de inhoud en kwaliteit van het document. Delen van deze overeenkomst zouden als model kunnen dienen voor de ontwikkeling van andere natuurlijke hulpbronnen van Suriname.”
Push
Voor minister Franco Demon van Natuurlijke Hulpbronnen is de ondertekening van het contract een andere grote stap op weg naar benutting van de natuurlijke rijkdommen, die kan bijdragen aan de ontwikkeling van ons land. De bewindsman draagt de overtuiging “dat wij niet de handen hoeven op te houden als bedelaars, de wereld rond hoeven te gaan, wanneer wij de hoofden, de zinnen in één richting laten leiden zodat wij in staat zijn optimaal onze natuurlijke rijkdommen te benutten.”
Demon zei dat het duidelijk is wat Staatsolie op het landgebied heeft gepresteerd. Onderzoek in het offshore heeft echter enorme risico's en vergt grote kapitaalsinvesteringen, waarvoor Staatsolie met buitenlandse maatschappijen in zee moet gaan. “Deze overeenkomst vormt een goede basis om het aardolie-onderzoek op zee een push te geven.”
De minister feliciteerde beide maatschappijen met de ondertekening van het contract. De RvC, directie en staf van Staatsolie werden bedankt voor alle werk om te geraken tot de overeenkomst. En tegen de Repsol YPF-delegatie: “Samen met het Surinaamse volk hoop ik dat jullie succes hebben in uw werk en dat u olie voor ons land kunt aanboren.”
De productiedelingsovereenkomst tussen Staatsolie en Repsol YPF heeft betrekking op de exploratie naar en de ontwikkeling en productie van petroleum in het offshore blok 30. Het gebied waar het contract over gaat, ligt op ruim 100 kilometer van de kust en maakt deel uit van offshore Suriname. Het gebied wordt aangeduid als blok 30 en heeft een oppervlakte van circa 18.900 vierkante kilometer. De waterdiepte in het contractgebied loopt van 100 tot 3000 meter.
De totale duur van het contract is gesteld op 30 jaar en daarin zijn regelingen opgenomen voor verschillende perioden, te weten: de exploratie-, evaluatie-, ontwikkelings- en productieperiode. In de evaluatieperiode wordt vastgesteld indien eventueel aangetoonde olievoorkomens commercieel kunnen worden geproduceerd. In de ontwikkelingsperiode zullen de faciliteiten voor de daadwerkelijke productie worden opgezet.
Repsol YPF zal in het vierde kwartaal van 2004 met een exploratieprogramma beginnen, dat bestaat uit drie fasen. In de eerste fase zal nieuwe tweedimensionale seismische data worden verzameld, verwerkt en geïnterpreteerd. Indien de resultaten positief zijn, wordt begonnen met de tweede fase, waarbij over minimaal één potentieel gebied (prospect) een driedimensionaal seismisch onderzoek zal worden uitgevoerd. Volgens het contract is Repsol YPF verplicht om minimaal één exploratieput te boren in de derde fase van het exploratieprogramma.
Het contract met Repsol YPF heeft een aantal economische voordelen voor Suriname, zoals royalty en belastinginkomsten. De totale inkomsten voor het land zullen afhankelijk zijn van de olieprijs, de investeringen en de omvang van de reserves. Daarnaast heeft Staatsolie de optie om namens de Staat voor maximaal 10 procent mee te doen als contractorpartij. In het contract wordt ook ruime aandacht besteed aan de verschillende milieu-aspecten.
|
In de afgelopen dertig jaar hebben verschillende buitenlandse bedrijven exploratie-activiteiten uitgevoerd in het Surinaams zeegebied. Echter hebben die activiteiten niet geleid tot de ontdekking van een commercieel veld. Staatsolie heeft wel kunnen beschikken over de verzamelde data en onderzoeksresultaten en deze in de afgelopen drie jaren intensief bestudeerd. Staatsolie heeft veel geïnvesteerd in technologie en mensen om een beter begrip te krijgen van het offshore petroleumpotentieel. Hieronder een overzicht van de contracten die zijn gesloten met buitenlandse maatschappijen voor aardolieonderzoek.
- 1980: Gulf Oil (USA)
- 1986: Energy World Trade Group. Consortium waarin deelnemen o.a. Nomeco, Suralco. (USA)
- 1991: Pecten Exploration Company (USA)
- 1995: Nomeco (USA) 1995
- 1999: Suriname Deep Water Consortium, waarin deelnemen Burlington, Shell, Total-Fina, Korea National Oil Co.
- 2000: Koch Exploration Company (Canada)
- 2004: Repsol YPF (Spanje)
|
| Repsol YPF |
Repsol YPF is een van de grootste geïntegreerde private olie- en gasmaatschappijen in de wereld met activiteiten in meer dan 25 landen. In Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied heeft deze particuliere onderneming de grootste gasreserves. Repsol YPF is onder andere actief in Argentinië, Brazilië, Cuba, Trinidad & Tobago en Ecuador. Haar gemiddelde dagproductie van olie en gas bedraagt ruim één miljoen vaten met een olie- en gasreserve gelijk aan ruim 5,4 miljard vaten. Deze reserves komen voornamelijk voor in Latijns-Amerika en Noord-Afrika.
|
| Repsol in Guyana |
Kort voor de ondertekening van het PSC tussen Staatsolie en Repsol YPF ontstond enige ‘deining' in de samenleving, omtrent de relatie tussen Repsol YPF en het Canadese CGX Energy. Repsol YPF heeft namelijk voor 75 procent en CGX voor 25 procent belang in het Georgetown Blok dat voor een deel ligt in het door Guyana op Suriname betwiste maritiem gebied. Repsol heeft echter op geen enkele manier deel gehad in de olieboringen die CGX van plan was uit te voeren in juni 2000 in het Corantyn Blok waarvan zij 100 procent concessiehouder is. Het Corantyn Blok ligt ook voor een deel in het door Suriname en Guyana betwistte maritieme gebied.
Er is veel gezegd en geschreven in de media, maar dit zijn de feiten:
- In januari 1997 sluit de Guyanese regering met Maxus Guyana Limited een overeenkomst voor het Georgetown Blok.
- In 1998 wordt Maxus voor 100 procent overgenomen door de Argentijnse staatsmaatschappij YPF. Maxus is vanaf dat moment een dochteronderneming van YPF.
- In 1999 verkrijgt AGIP Guyana BV een belang van 25 procent in het Georgetown Blok, als Maxus 25 procent van haar belang overdraagt aan Agip (Italië). Maxus en Agip zijn vanaf dan partners in het Georgetown Blok.
- In 1999 neemt het Spaanse Repsol, YPF bijna volledig over en ontstaat de nieuwe maatschappij Repsol YPF en wordt Maxus een dochteronderneming binnen deze nieuwe holding.
- In 2002 draagt Agip haar belang in het Georgetown Blok over aan CGX. De overdracht voltrekt zich volledig buiten Repsol YPF om. De Guyanese regering keurt de overdracht door Agip aan CGX goed. De partijen in het Georgetown Blok zijn nu dus: Maxus (75 procent) en CGX (25 procent), maar Repsol YPF is geen aandeelhouder van CGX
- Al in 2002 was duidelijk dat Maxus haar exploratie-activiteiten in Guyana had gestaakt vanwege het grensdispuut tussen Suriname en Guyana. Maxus beriep zicht op overmacht, zodat zij niet verplicht kon worden activiteiten te ontplooien in het Georgetown Blok
In de week voor de ondertekening van het PSC met Staatsolie geeft Repsol YPF – mede vanwege de ontstane commotie – aan Staatsolie schriftelijke de garantie gegeven dat zij geen activiteiten zal verrichten in het Georgetown Blok.
|
|