Een dankbaar initiatief
Vijftien jonge Surinamers zijn op 18 februari begonnen aan een eenjarige diplomaopleiding petroleumtechniek. Een project van Staatsolie in samenwerking met de universiteit van Suriname, Technologische Universiteit Delft en het Nederlandse Instituut voor Toegepaste Geowetenschappen.
Intussen is de eerste van de tien blokcursussen waaruit de opleiding petroleumtechniek is opgebouwd, verzorgd. Het tentamen is in de eerste week van maart afgenomen. De cursus duurt tot en met oktober 2002. De opleiding wordt drie opeenvolgende jaren verzorgd aan de Faculteit der Technologische Wetenschappen (FTeW) van de Adek Universiteit van Suriname.
Uit de vooraanmelding bleek dat er veel belangstelling bestond voor de cursus. Per jaar is er plaats voor tien ‘buitenstaanders’, twee plaatsen zijn bestemd voor docenten van de FTeW en drie voor medewerkers van Staatsolie. Reeds hebben geïnteresseerden een plaatsje gereserveerd voor de komende opleidingen.
Groeiende behoefte
Staatsolie maakte bij haar 20-jarig bestaan in december 2000 er gewag van een opleiding petroleumtechniek te zullen financieren. De toezegging werd gedaan tegen de achtergrond van de groeiende behoefte aan meer gespecialiseerde deskundigen in de zich uitbreidende Surinaamse aardoliesector.
Het project kost ongeveer 298.000 US dollar. Staatsolie staat garant voor 193.000 US dollar. De Adek universiteit komt in met 31.500 US dollar, in de vorm van onder andere organisatie, transportkosten, verblijfskosten voor de gastdocenten en begeleiding van studenten. De Nederlandse instituten komen gelijkelijk in met het resterend bedrag in de vorm van het beschikbaar stellen van docenten. Ook zal Staatsolie faciliteiten en deskundigen ter beschikking stellen voor de praktische trainingen.
De colleges worden verzorgd door docenten van de Technologische Universiteit Delft (TUD) en het Nederlandse Instituut voor Toegepaste Geowetenschappen (TNO-NITG). Voor elk vak wijst de FTeW een Surinaamse counterpart aan die zorgt voor verdere begeleiding van de studenten. Per jaar zijn er tien blokcursussen van een week. Elke maand komt een docent uit Nederland om een blokcursus te verzorgen.
Veel belangstelling
De vereiste vooropleiding om aan de opleiding deel te nemen is BSc. en/of Ing. in geologie of mijnbouw. “Deelnemers moeten de basiszaken van geologie al onder de knie hebben”, verduidelijkt Cornel Wijngaarde MSc, decaan van de FTeW. Tijdens een infodag op de universiteit op 4 februari kregen belangstellenden uitgebreide informatie over de opleiding. De aanwezigen hadden veel vragen voor Wijngaarde. Volgens hem waren ook van mensen die geen geologische achtergrond hebben, verzoeken om de cursus te volgen. Dat kon niet gezien de specialistische aard van de opleiding. Vanwege de beperkte collegeruimte kunnen ook geen toehoorders worden toegelaten.
Wijngaarde wees cursisten erop zich niet druk te maken over erkenning van het diploma dat zij na succesvolle afronding van de opleiding in handen krijgen. “Twee gerenommeerde instituten staan erachter. Bovendien erkent Staatsolie het diploma ook.” De cursus kost voor ‘buitenstaanders’ 200 US dollars, slechts een fractie van wat bijvoorbeeld in Nederland betaald moet worden voor dergelijke opleidingen.
Bijdrage
Staatsolie en de Universiteit ondertekenden op 21 januari 2002 de samenwerkingsovereenkomst voor de opleiding. Bij die gelegenheid sprak drs. Eddie Jharap, Algemeen Directeur van Staatsolie, zijn blijdschap uit over het feit dat TNO-NITG en TUD gecharmeerd waren van de ontwikkelingen in de Surinaamse aardoliesector en daardoor hun bijdrage leveren aan het project. “Ik hoop dat de opleiding een bijdrage levert aan verscherping van het kader.”
Dr. Gregory Rusland, voorzitter van het Universiteitsbestuur, is dankbaar voor het in de universiteit (FTeW) gestelde vertrouwen om de opleiding te mogen verzorgen. Ben Nuboer, Directeur Exploratie & Productie van Staatsolie, hoopt dat uit de groep mensen die meedoen aan de opleiding er enkelen zijn die zich verder in het vak willen verdiepen. Het zij in ‘het veld’ of op wetenschappelijk niveau, waardoor er wat continuïteit wordt gegeven aan datgene wat nu is gestart.
Weg gebaand
Voorafgaand aan het eerste college op 18 februari werden enkele toespraken gehouden. Drs. Eddie Jharap hoopt dat de moderne en actuele kennis over petroleumtechniek die in de opleiding aan bod komt, voordeel oplevert voor de Surinaamse aardolie-industrie. Hij memoreerde dat behalve de wil, ook een grote dosis kennis nodig is geweest om de olie uit de Surinaamse bodem te halen. Met bijscholing en training in en buiten Suriname heeft Staatsolie zich daarbij in de afgelopen 21 jaren een weg gebaand. Jharap wenste de vijftien cursisten, onder wie twee Staatsolie-medewerkers, veel succes toe. Hij heeft het eerste college ook gevolgd.
Dr. Gregory Rusland, voorzitter van het Universiteitsbestuur, noemde de opleiding petroleumtechniek een “unieke gelegenheid” die past in het doel van de universiteit om meer dan voorheen een maatschappelijke positie in te nemen. Hij is Staatsolie, TNO en TU Delft dankbaar voor het initiatief.
Prijzenswaardig
Het curriculum van de opleiding wordt elk jaar door de FTeW opgesteld in overleg met de TUD (Faculteit Toegepaste Aardwetenschappen) en het TNO-NITG. Het project wordt halfjaarlijks door de partijen geëvalueerd. Het curriculum bestaat uit acht vakken van elk veertig uren die volledig worden verzorgd door de Nederlandse instellingen, inclusief beoordeling van het tentamenwerk. Het niveau van de vakken staat gelijk aan dat van de TUD. Dat houdt in dat een gunstig examenresultaat recht geeft op vrijstelling van die onderdelen bij eventuele verdere studie aan de Delftse universiteit.
Prof. dr. ir. S. Kroonenberg, afkomstig van TU Delft, heeft de eerste blokcursus verzorgd. Kroonenberg is niet onbekend met Suriname; in de jaren zeventig van de vorige eeuw heeft hij onder andere zes jaar bij de Geologische Mijnbouwkundige Dienst gewerkt. Hij heeft de ontwikkeling van Staatsolie gevolgd en heeft “enorm veel” respect voor het bedrijf. Kroonenberg vindt het prijzenswaardig dat als uitvloeisel daarvan de opleiding wordt verzorgd om meer en nieuwe kennis over petroleumtechniek in huis te halen.
|